B-vitamines Bètacaroteen Choline Multivitamine Vitamine A Vitamine B1 (thiamine) Vitamine B11 (foliumzuur) Alle vitamines
Calcium Chloride Chroom Fosfor IJzer Jodium Kalium Alle mineralen
Artisjok Ashwagandha Astragalus Boswellia Brandnetel Canadese geelwortel Chlorella Alle kruiden
Alfalinoleenzuur (ALA) Alfaliponzuur Algenolie Antioxidanten Arginine Astaxanthine BCAA Alle overig

Kalium

Kalium is een belangrijk mineraal in je lichaam. Het speelt samen met chloride en natrium een rol bij het regelen van de vochtbalans en de bloeddruk. Kalium zorgt er samen met natrium voor dat  zenuwprikkels goed geleid worden en dat spieren kunnen samentrekken. Het mineraal werkt het bloeddruk verhogende effect van natrium tegen en is daarmee goed voor een normale bloeddruk. Kalium wordt opgenomen in de dunne darm. De nieren houden de hoeveelheid kalium in het lichaam constant.

Wat doet Kalium voor je gezondheid?

Kalium heeft de volgende wetenschappelijk bewezen effecten voor de gezondheid:

  • Kalium is goed voor de bloeddruk
  • Het speelt een rol bij de werking van onze spieren en is van belang voor het zenuwstelsel

Kalium in voeding

Kalium komt in bijna alle voedingsmiddelen voor. Het zit in peulvruchten, groente, fruit, aardappelen, brood, vlees en zuivel. Van de kalium in voeding wordt 90% opgenomen. Een portie gekookte aardappels (200 gram) bevat ongeveer 690 mg kalium. Dat is ongeveer 20% van de aanbevolen hoeveelheid voor volwassenen.

Kaliumzout
Als vervanging van gewoon keukenzout is er ook zout te koop dat een mengsel bevat van natriumchloride en kaliumchloride. Dit zout smaakt wat bitter. Het wordt vaak gebruikt door mensen die minder natrium binnen willen krijgen.

Kalium in voedingssupplementen

Kalium komt voor als voedingssupplement in de vorm van capsules en tabletten. Soms zit kalium ook in een mineralen complex.

Wanneer is een aanvulling met Kalium nuttig?

Vochtverlies
Bij extreem vochtverlies, door bijvoorbeeld braken, diarree of veel zweten tijdens duursport, kun je meer kalium verliezen dan anders. Een aanvulling van het mineraal kan dan nuttig zijn voor spieren, het hart en het zenuwstelsel.

Bloeddrukverlagers en prednison
Als je bloeddrukverlagers of plastabletten gebruikt, kun je extra mineralen nodig hebben, zoals kalium, maar ook natrium, magnesium en zink. Tegenwoordig bevatten veel plastabletten een kaliumspaarder. Als je deze medicijnen gebruikt is dit goed om met je arts te bespreken. Ook bij gebruik van prednison kun je meer kalium nodig hebben. Lees meer over plastabletten en het risico op een kalium en magnesium tekort.

Bekijk voor meer informatie over tegelijk gebruik van medicijnen en voedingssupplementen onze informatiepagina.

Waar moet ik op letten bij gebruik van Kalium?

Het lichaam is in staat om de hoeveelheid kalium constant te houden. Als er minder kalium binnenkomt houden je nieren kalium vast. Een teveel aan kalium plas je uit.

Tekort kalium
Een tekort aan kalium door voeding komt zelden voor. Bij gebruik van plastabletten en prednison en bij veel vochtverlies kan het wel voorkomen. Je herkent een kaliumtekort aan verzwakte spieren, lusteloosheid en in erge gevallen aan een verstoorde hartfunctie.

Teveel kalium
Een teveel aan kalium uit voeding komt eigenlijk nooit voor. Alleen bij mensen met een nieraandoening of bij mensen die bepaalde medicijnen voor de bloeddruk gebruiken kan een te hoog kalium gehalte in het bloed ontstaan.

Er is voor kalium geen maximale hoeveelheid vastgesteld. Volgens de Europese Voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) heeft het langdurig gebruiken van 3000 mg kalium als supplement geen negatieve effecten op de gezondheid.

Hoeveel Kalium per dag?

Voor kalium is de Referentie Inname (RI) 2000 milligram per dag. De RI geeft een grove indicatie van de hoeveelheid kalium die een volwassene gemiddeld nodig heeft. Het percentage van de RI wordt op een etiket van een levensmiddel vermeld.

In Nederland zijn er voor specifieke groepen, zoals vrouwen of kinderen, aanbevelingen van de Gezondheidsraad. Hieronder de aanbevelingen voor kalium.

Leeftijd
Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (milligram per dag)
Kinderen
6-11 maanden
1.100
1-2 jaar
1.400
2-5 jaar
1.800
6-9 jaar
2.000
Mannen
Mannen
10-13 jaar
3.300
14-17 jaar
3.500
18 jaar en ouder
3.500
Vrouwen
Vrouwen
10-13 jaar
2.900
14-17 jaar
3.100
18 jaar en ouder
3.500
Zwangere vrouwen
3.500
Vrouwen die borstvoeding geven
3.100